Hoeveel cafs telt Amsterdam

Hoeveel cafs telt Amsterdam

Hoeveel cafs telt Amsterdam

Hoeveel cafés telt Amsterdam?



Amsterdam en haar cafés zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Het bruisende hart van de stad klopt niet op de Dam of in de boardrooms van de Zuidas, maar in de ontelbare bruine kroegen, trendy koffiebars en gezellige bruin cafés die in elke buurt te vinden zijn. Deze etablissementen zijn veel meer dan plekken om een drankje te nuttigen; het zijn sociale hubs, levende geschiedenisboeken en de huiskamers van de stad.



Een exact antwoord op de vraag is verrassend moeilijk te geven. Het aantal fluctueert constant door nieuwe openingen en soms pijnlijke sluitingen. Bovendien hangt de telling af van de definitie: tellen we alleen de traditionele brown bars mee, of ook grand cafés, speciaalbiercafés, wine bars en de moderne koffiezaakjes? Wat de criteria ook zijn, de aantallen zijn imposant.



Schattingen en cijfers van de horecaonderzoekers en de gemeente zelf wijzen op een aantal tussen de 1.500 en 2.000 cafés en bars in de stad. Dit betekent dat Amsterdam, verhoudingsgewijs, een van de hoogste cafédichtheden ter wereld heeft. Deze concentratie is geen toeval, maar het resultaat van een eeuwenoude cultuur van tolerantie, handel en gastvrijheid die diep in de identiteit van de stad geworteld is.



Wat telt officieel als café voor deze statistiek?



De definitie voor de officiële statistieken wordt bepaald door de gemeente Amsterdam en het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Het cruciale onderscheid ligt in het type vergunning. Een horecagelegenheid telt als een café wanneer deze in het bezit is van een alcoholvergunning (de zogenaamde "Drank- en Horecawet"-vergunning) en de verkoop van alcoholische dranken de kernactiviteit vormt.



Dit omvat traditionele bruine kroegen, grand cafés, proeflokalen en speciaalbiercafés. Ook sportcafés en eetcafés vallen hieronder, mits het drinken een primaire functie is en niet slechts een aanvulling op de maaltijd. De bediening aan tafel is geen vereiste; locaties met enkel een bar of toog tellen mee.



Uitgesloten van deze categorie zijn restaurants waar alcohol vooral bij het eten wordt geserveerd, nachtclubs met een dansvergunning, en coffeeshops (vanwege hun vergunning voor verkoop van cannabis). Ook slijterijen (off-licence) en horecazaken die alleen een terrasvergunning hebben, worden niet als café geteld.



De statistiek baseert zich op deze vergunningsgegevens en de SBI-code (Standaard Bedrijfsindeling) 56.30: "Drank- en horecabedrijven zonder logies". Dit zorgt voor een consistente en objectieve telling, los van de subjectieve beleving of de naam van de zaak.



Hoe verhoudt het aantal cafés zich tot het aantal inwoners per stadsdeel?



Hoe verhoudt het aantal cafés zich tot het aantal inwoners per stadsdeel?



De verdeling van cafés over Amsterdam is lang niet gelijkmatig. De verhouding tussen het aantal horecazaken en het aantal inwoners per stadsdeel geeft een scherp beeld van waar de uitgaansdruk het hoogst is en welke gebieden vooral woonfuncties hebben.



Het stadsdeel Centrum springt eruit met de hoogste café-dichtheid. Met ongeveer 900 cafés op slechts 90.000 inwoners is hier één café per 100 inwoners. Deze extreme verhouding wordt gedreven door het toerisme en de historische uitgaansfunctie van de grachtengordel en gebieden zoals de Wallen, de Jordaan en de Nieuwmarkt.



In tegenstelling hiermee staan perifere stadsdelen zoals Nieuw-West en Zuidoost. Hier is de verhouding veel lager, met ongeveer één café per 600 tot 800 inwoners. Deze gebieden zijn overwegend woonwijken met minder nachtleven en minder toeristische aantrekkingskracht.



Stadsdelen als Zuid en Oost bevinden zich in de middenmoot. In Zuid, met wijken als De Pijp en Oud-Zuid, is de dichtheid aanzienlijk, mede door de populaire horecastraten. Oost kent sterke contrasten tussen woonwijken en uitgaansgebieden zoals het gebied rond het Javaplein en de Wibautstraat.



Deze cijfers tonen aan dat de café-cultuur van Amsterdam sterk geconcentreerd is in het centrum en een paar specifieke wijken daarbuiten. Voor de inwoners van de perifere stadsdelen betekent dit dat zij voor een uitgebreid café-bezoek vaak moeten reizen naar de centrale delen van de stad.



Waar vind je de meeste cafés: in de grachtengordel of in de buitenwijken?



De concentratie cafés is het hoogst in en direct rondom de grachtengordel. Dit historische centrum, met wijken als de Wallen, de Jordaan en de Negen Straatjes, is het traditionele hart van de Amsterdamse horeca. Hier vind je een dicht opeengepakt netwerk van bruine kroegen, trendy bars, speciaalbiercafés en toeristische terrassen.



De buitenwijken tellen absoluut meer vierkante kilometers, maar de cafédichtheid is er aanzienlijk lager. In wijken zoals Nieuw-West, Zuidoost of Noord staan de cafés meer verspreid en functioneren ze vooral als buurtcafé voor lokale bewoners. Het aanbod is er minder gevarieerd en meer gericht op de dagelijkse behoefte.



Kwalitatief gezien is het verschil groot. De grachtengordel biedt keuze uit historische monumenten, gespecialiseerde biercafés en internationale cocktailbars. In de buitenwijken domineert de authentieke, vaak rustigere sfeer van het echte buurtcafé, waar toeristen zelden komen.



Conclusie: hoewel de buitenwijken in totaaloppervlak groter zijn, vind je de meeste cafés onmiskenbaar in de grachtengordel. Het gaat hier om de dichtheid en de historisch gegroeide functie van het centrum als uitgaansgebied voor zowel Amsterdammers als bezoekers.



Is het aantal cafés de afgelopen vijf jaar gestegen of gedaald?



Is het aantal cafés de afgelopen vijf jaar gestegen of gedaald?



Het aantal cafés in Amsterdam heeft de afgelopen vijf jaar een duidelijke, zij het lichte, daling laten zien. Deze trend is het resultaat van verschillende tegengestelde krachten in de horecasector.



De belangrijkste factoren voor de afname zijn:





  • Stijgende operationele kosten, vooral voor huur, personeel en energie.


  • Een krappe arbeidsmarkt die het moeilijk maakt om voldoende personeel te vinden.


  • Strengere regelgeving en handhaving, bijvoorbeeld rond geluidsoverlast en alcoholverkoop.


  • De nasleep van de coronapandemie, die sommige etablissementen de das omdeed.




Desondanks is de sector veerkrachtig gebleken. De daling wordt getemperd door een sterke groei in specifieke segmenten:





  1. Specialisatie: Een opvallende stijging van gespecialiseerde zaken zoals:



    • Koffiebars (derde wave coffee)


    • Speciaalbiercafés en brouwerij-taps


    • Wijnbars en natuurlijke wijnlocaties.






  2. Vermenging van concepten: Veel nieuwe plekken combineren een caféfunctie met bijvoorbeeld een werkplek (co-working), een winkel of een kleine uitgeverij.


  3. Verschuiving naar de wijken: Terwijl het absolute aantal in de historische binnenstad onder druk staat, zien we groei in buurten zoals De Pijp, Oost en Noord.




Conclusie: het totale aantal traditionele 'bruine kroegen' en algemene cafés is licht gedaald. Echter, het aanbod van horecagelegenheden met een café-functie is diverser en kwalitatief sterker geworden. De sector transformeert meer dan dat hij krimpt.



Veelgestelde vragen:



Ik hoorde dat Amsterdam de stad met de meeste cafés ter wereld is. Klopt dat, en hoeveel zijn het er precies?



Amsterdam staat bekend om zijn uitgebreide cafécultuur, maar het is lastig om één exact aantal te noemen. De stad heeft geen officiële, actuele telling die alle soorten horeca continu bijhoudt. Wel zijn er goede schattingen. Uit cijfers van de gemeente en brancheorganisaties blijkt dat Amsterdam ongeveer 1.500 tot 1.600 cafés telt. Hieronder vallen bruine kroegen, grand cafés, speciaalbiercafés en proeflokalen. Als je alle plekken waar je alcohol kunt drinken meerekent (dus inclusief restaurants met een volledige drankvergunning en bars), loopt dat aantal op tot ver boven de 2.000. Het idee dat Amsterdam *absoluut* de meeste cafés ter wereld heeft, is een hardnekkige mythe. Steden zoals Londen, Parijs of Wenen hebben er ook zeer veel, vaak verspreid over een groter gebied. De dichtheid van cafés in de Amsterdamse binnenstad is echter wel bijzonder hoog, wat dat gevoel creëert.



Wat is het verschil tussen een 'bruin café', een 'grand café' en een 'proeflokaal' in Amsterdam?



Die termen beschrijven verschillende soorten cafés met hun eigen sfeer en aanbod. Een **bruin café** is het klassieke Nederlandse café, genoemd naar de donkere houten inrichting en het tabaksrook dat vroeger de muren kleurde. Het is informeel, vaak met een eenvoudige bar, lokale bezoekers en een beperkte kaart met vooral bier, jenever en likeuren. Gezelligheid staat voorop. Een **grand café** is ruimer, lichter en eleganter. Je gaat er vaak voor een uitgebreider drankje, een lunch of een kop koffie met gebak. Het is een plek om gezien te worden en lang te tafelen. Een **proeflokaal** is verbonden aan een (voormalige) jeneverstokerij of brouwerij. De nadruk ligt op het proeven van sterke dranken zoals jenevers, vruchtenlikeuren of speciaal bier van het eigen huis. De sfeer is doorgaans robuust en de kennis over de producten groot. Naast deze soorten zijn er natuurlijk ook talloze themabars, cocktailbars en moderne winebars.

Vergelijkbare artikelen

Recente artikelen